Medisch dossier

Slaapapneu bij volwassenen: kijk ook naar de anatomie van de luchtweg

Obstructieve slaapapneu (OSA) wordt vaak geassocieerd met snurken, ademstops en vermoeidheid overdag. De kern van het probleem bevindt zich echter in de bovenste luchtweg: tijdens de slaap neemt de spierspanning af en kan een daarvoor gevoelige luchtweg gedeeltelijk of volledig dichtvallen. Gewicht, leeftijd en zachte weefsels spelen hierbij een belangrijke rol, maar ook de vorm en positie van de kaken, tong en neusholte kunnen van invloed zijn. CPAP is voor veel patiënten een effectieve en belangrijke behandeling omdat positieve luchtdruk voorkomt dat de keel tijdens de slaap dichtvalt. Bij patiënten met duidelijke craniofaciale vernauwing kan daarnaast de vraag relevant zijn waarom die luchtweg zo gemakkelijk obstrueert. Binnen een multidisciplinaire airway-benadering kan daarom worden onderzocht of ook anatomische factoren behandelbaar zijn.

Wat is obstructieve slaapapneu?

Obstructieve slaapapneu is een aandoening waarbij de bovenste luchtweg tijdens de slaap herhaaldelijk gedeeltelijk of volledig dichtvalt. Hierdoor stopt de ademhaling tijdelijk of wordt deze sterk verminderd.

Hoewel de borstkas en het middenrif blijven proberen adem te halen, kan er onvoldoende lucht de longen bereiken. Het zuurstofgehalte in het bloed daalt en de hersenen reageren met een korte ontwakingsreactie waardoor de luchtweg weer opent. Deze onderbrekingen duren vaak slechts enkele seconden, maar kunnen zich tientallen tot honderden keren per nacht herhalen.

Hierdoor raakt de slaap voortdurend verstoord, ook wanneer de patiënt zich hiervan niet bewust is.

Veelvoorkomende klachten zijn:

  • luid snurken;
  • ademstops tijdens de slaap;
  • naar lucht happen;
  • niet uitgerust wakker worden;
  • overmatige slaperigheid overdag;
  • ochtendhoofdpijn;
  • concentratieproblemen;
  • geheugenproblemen;
  • prikkelbaarheid;
  • verminderde kwaliteit van leven.

Waarom ontstaat slaapapneu?

Slaapapneu heeft meestal niet één enkele oorzaak.

Tijdens de slaap verslappen de spieren rondom de keel. Bij sommige mensen blijft de luchtweg voldoende open, terwijl deze bij anderen gemakkelijk vernauwt of dichtvalt.

Factoren die hierbij een rol kunnen spelen zijn onder andere:

  • overgewicht;
  • een relatief grote tong;
  • een lang of slap zacht gehemelte;
  • vergrote keelamandelen;
  • neusobstructie;
  • een terugliggende onderkaak;
  • een smalle bovenkaak;
  • erfelijke aanleg;
  • leeftijd.

Vaak is sprake van een combinatie van deze factoren.

De rol van de bovenkaak en onderkaak

Binnen de airway-zorg wordt bijzondere aandacht besteed aan de anatomie van het gezicht en de bovenste luchtweg.

De bovenkaak vormt namelijk niet alleen de basis van het gebit, maar ook de bodem van de neusholte. Wanneer de bovenkaak relatief smal is ontwikkeld, kan dit samengaan met een smallere neusholte en minder ruimte voor een goede neusademhaling.

Ook de onderkaak speelt een belangrijke rol. Wanneer deze relatief ver naar achteren ligt, bevindt de tong zich eveneens verder naar achteren in de mond. Tijdens de slaap kan de tong daardoor gemakkelijker richting de keel zakken, waardoor de luchtweg nauwer wordt.

Dit betekent niet dat iedere patiënt met een smalle bovenkaak of terugliggende onderkaak slaapapneu ontwikkelt. Wel kunnen deze anatomische kenmerken bijdragen aan een verhoogde gevoeligheid voor luchtwegobstructie.

CPAP behandelt de obstructie

Voor veel patiënten is CPAP de eerste keuze voor de behandeling van obstructieve slaapapneu.

CPAP staat voor Continuous Positive Airway Pressure. Via een neus- of gezichtsmasker wordt tijdens de slaap lucht onder lichte overdruk ingeblazen. Deze druk voorkomt dat de keel dichtvalt.

Bij goed gebruik kan CPAP:

  • het aantal ademstops sterk verminderen;
  • de zuurstofvoorziening verbeteren;
  • de slaapkwaliteit verhogen;
  • vermoeidheid overdag verminderen;
  • het risico op complicaties van onbehandelde slaapapneu verkleinen.

CPAP is daarmee een bewezen en zeer effectieve behandeling.

Tegelijkertijd verandert een CPAP-masker de anatomie van de bovenste luchtweg niet. Zodra het masker niet wordt gebruikt, kan de luchtweg opnieuw vernauwen.

Is een CPAP-masker symptoombestrijding?

Regelmatig wordt gezegd dat een CPAP-masker alleen de symptomen behandelt. Dat is een te eenvoudige voorstelling van zaken.

Een CPAP behandelt daadwerkelijk het mechanisme waardoor de luchtweg tijdens de slaap dichtvalt. Zolang de behandeling wordt gebruikt, blijft de luchtweg open en verminderen de ademstops aanzienlijk.

Bij sommige patiënten kan daarnaast de vraag worden gesteld waarom de luchtweg zo gevoelig is voor obstructie. Juist daar kan een aanvullende airway-beoordeling van waarde zijn.

Wanneer kan Airway Orthodontics een rol spelen?

Niet iedere patiënt met slaapapneu heeft een orthodontische behandeling nodig.

Bij een deel van de volwassenen kunnen echter anatomische kenmerken aanwezig zijn die bijdragen aan een vernauwde bovenste luchtweg.

Voorbeelden hiervan zijn:

  • een smalle bovenkaak;
  • een hoog en smal gehemelte;
  • een terugliggende onderkaak;
  • beperkte ruimte voor de tong;
  • kruisbeet;
  • langdurige mondademhaling;
  • een afwijkende kaakontwikkeling.

In deze situaties kan een beoordeling door een orthodontist of MKA-chirurg aanvullende informatie geven over de anatomie van de luchtweg.

Niet iedere behandeling is hetzelfde

De behandeling van slaapapneu is altijd afhankelijk van de oorzaak.

Afhankelijk van de individuele situatie kunnen verschillende behandelingen worden overwogen, waaronder:

  • leefstijlaanpassingen en gewichtsreductie;
  • CPAP-therapie;
  • een mandibulair repositieapparaat (MRA);
  • behandeling door een KNO-arts;
  • orthodontische behandeling;
  • verbreding van de bovenkaak bij daarvoor geschikte patiënten;
  • kaakchirurgie;
  • begeleiding van ademhaling en mondfunctie.

Vaak wordt gekozen voor een combinatie van verschillende behandelingen.

Multidisciplinaire samenwerking

Omdat slaapapneu verschillende oorzaken kan hebben, werken binnen de airway-zorg meerdere disciplines samen.

Afhankelijk van de situatie kunnen betrokken zijn:

  • huisarts;
  • slaaparts;
  • longarts;
  • KNO-arts;
  • orthodontist;
  • MKA-chirurg;
  • tandarts;
  • logopedist;
  • orofaciaal therapeut;
  • fysiotherapeut;
  • ademtherapeut.

Iedere discipline kijkt vanuit zijn eigen expertise naar de factoren die bijdragen aan de klachten.

Wanneer is een aanvullende airway-beoordeling zinvol?

Een bredere beoordeling van de luchtweg kan worden overwogen wanneer slaapapneu samengaat met één of meer van de volgende kenmerken:

  • een smalle bovenkaak;
  • een hoog gehemelte;
  • een terugliggende onderkaak;
  • chronische mondademhaling;
  • langdurige neusverstopping;
  • onvoldoende effect of moeite met CPAP;
  • een duidelijke verbetering met een mandibulair repositieapparaat;
  • een afwijkende kaak- of gezichtsontwikkeling.

Een dergelijke beoordeling vervangt nooit het onderzoek door een slaaparts, maar kan een waardevolle aanvulling zijn.

Conclusie

Obstructieve slaapapneu is een aandoening waarbij de bovenste luchtweg tijdens de slaap herhaaldelijk dichtvalt. CPAP is voor veel patiënten een bewezen en effectieve behandeling en vormt terecht een belangrijke pijler binnen de behandeling van slaapapneu.

Bij een deel van de volwassenen kunnen daarnaast anatomische factoren, zoals een smalle bovenkaak, een terugliggende onderkaak of beperkte ruimte voor de tong, bijdragen aan het ontstaan van de luchtwegobstructie. Binnen een multidisciplinaire airway-benadering wordt daarom niet alleen gekeken naar het behandelen van de ademstops, maar ook naar de mogelijke oorzaken van de vernauwing van de bovenste luchtweg.

Door de patiënt als geheel te beoordelen en verschillende disciplines samen te brengen, kan voor iedere patiënt een behandelplan worden opgesteld dat past bij de individuele situatie.

Wetenschappelijke onderbouwing

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat obstructieve slaapapneu een multifactoriële aandoening is waarbij zowel anatomische als functionele factoren een rol spelen. Internationale richtlijnen beschouwen CPAP als de standaardbehandeling voor matige tot ernstige obstructieve slaapapneu. Daarnaast kunnen leefstijlinterventies, mandibulaire repositieapparatuur, KNO-behandeling, orthodontische of kaakchirurgische behandeling en andere therapieën bij zorgvuldig geselecteerde patiënten onderdeel uitmaken van een multidisciplinair behandelplan. De keuze voor een behandeling hangt af van de individuele anatomie, de ernst van de slaapapneu en de voorkeuren van de patiënt.

 

Wetenschappelijke verdieping

Wetenschappelijke publicaties

Onderstaande publicaties vormen de wetenschappelijke verdieping bij dit medische dossier. Per studie tonen we de belangrijkste bevindingen, klinische relevantie en eventuele beperkingen.

Systematische review 2017 Sleep Medicine Reviews

Craniofacial and upper airway morphology in adult obstructive sleep apnea patients: A systematic review and meta-analysis of cephalometric studies

Neelapu BC, Kharbanda OP, Sardana HK, Balachandran R, Sardana V.

Samenvatting

Deze systematische review en meta-analyse onderzocht cephalometrische studies waarin volwassenen met obstructieve slaapapneu werden vergeleken met gezonde controlepersonen. De auteurs analyseerden de relatie tussen craniofaciale anatomie en de bovenste luchtweg. De analyse liet zien dat patiënten met obstructieve slaapapneu gemiddeld vaker kenmerken hebben zoals een kleinere bovenste luchtweg, een relatief terugliggende onderkaak, een grotere tong en afwijkende craniofaciale verhoudingen. De auteurs concluderen dat anatomische kenmerken van het aangezicht een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het ontstaan van obstructieve slaapapneu, naast andere factoren zoals leeftijd, lichaamsgewicht en spierfunctie.

Klinische relevantie

Deze studie ondersteunt dat obstructieve slaapapneu niet uitsluitend een slaapstoornis is, maar ook samen kan hangen met de anatomie van de bovenste luchtweg. Voor verwijzers betekent dit dat patiënten met slaapapneu én duidelijke craniofaciale afwijkingen, zoals een smalle bovenkaak of een terugliggende onderkaak, mogelijk baat hebben bij aanvullende beoordeling door een orthodontist of MKA-chirurg als onderdeel van een multidisciplinaire aanpak.

Beperkingen van de studie

De geïncludeerde onderzoeken waren voornamelijk observationeel en maakten gebruik van tweedimensionale cephalometrische röntgenbeelden. Er bestond variatie tussen de onderzochte populaties en meetmethoden. De studie toont associaties aan, maar bewijst geen oorzakelijk verband tussen craniofaciale kenmerken en slaapapneu.

DOI: 10.1016/j.smrv.2016.03.007 Licentie: © Elsevier (geen open-access)
Systematische review 2024 Journal of Sleep Research

Craniofacial risk factors for obstructive sleep apnea: A systematic review and meta-analysis

Finke H, et al.

Samenvatting

Deze recente systematische review en meta-analyse onderzocht welke craniofaciale kenmerken het risico op obstructieve slaapapneu vergroten. De auteurs analyseerden een groot aantal internationale onderzoeken waarin de anatomie van de bovenste luchtweg werd vergeleken tussen patiënten met en zonder slaapapneu. De resultaten laten zien dat specifieke craniofaciale kenmerken, waaronder een terugliggende onderkaak, afwijkende kaakverhoudingen en een kleinere bovenste luchtweg, geassocieerd zijn met een verhoogd risico op obstructieve slaapapneu. De auteurs benadrukken dat obstr

Klinische relevantie

Deze publicatie bevestigt dat beoordeling van de craniofaciale anatomie onderdeel kan zijn van de diagnostiek bij geselecteerde patiënten met obstructieve slaapapneu. Voor huisartsen, KNO-artsen, orthodontisten en MKA-chirurgen onderstreept de studie het belang van multidisciplinaire samenwerking wanneer duidelijke anatomische afwijkingen aanwezig zijn.

Beperkingen van de studie

De geïncludeerde studies verschilden in onderzoeksopzet, populatie en gebruikte beeldvorming. Hoewel de review sterke aanwijzingen geeft voor een relatie tussen craniofaciale anatomie en slaapapneu, kan niet worden geconcludeerd dat iedere anatomische afwijking automatisch leidt tot obstructieve slaapapneu. Klinische beoordeling blijft noodzakelijk.

Licentie: © European Sleep Research Society / Wiley